<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Van Trier</title>
	<atom:link href="http://www.vantrier.org/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.vantrier.org</link>
	<description>Just another WordPress site</description>
	<lastBuildDate>Wed, 19 Oct 2011 10:41:54 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.2.1</generator>
		<item>
		<title>D66 of een boerenpartij voor keurige mensen</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/d66-of-een-boerenpartij-voor-keurige-mensen/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/d66-of-een-boerenpartij-voor-keurige-mensen/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 27 Sep 2011 11:18:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=186</guid>
		<description><![CDATA[Van het politieke wel en wee worden dagelijks vele spotprenten gemaakt, waarvan Koos van Weringh een fervent verzamelaar is. Inmiddels heeft hij dan ook meerdere verzamelingen van spotprenten [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Van het politieke wel en wee worden dagelijks vele spotprenten gemaakt, waarvan Koos van Weringh een fervent verzamelaar is. Inmiddels heeft hij dan ook meerdere verzamelingen van spotprenten rondom diverse thema&#8217;s uitgebracht en zich opgewerkt tot specialist als het om politieke satire gaat.</p>
<p>D66 is een partij die het moeilijk heeft zich in het bestaande politieke landschap te handhaven. Dat zij recentelijk hun veertigjarig bestaan hebben kunnen vieren is voor velen dan ook een klein wonder. Voor makers van spotprenten is D66 in de loop van die jaren door haar niet bepaald onopvallend gedrag, altijd erg interessant geweest. Als jojo-partij met een zeer wisselend aantal zetels in de Kamer en regelmatig &#8216;Znglein-an-der-Wage&#8217;, heeft het menig Kabinet kunnen maken en breken. Daarbij is de politieke strategie echter niet altijd voor iedereen begrijpelijk geweest.</p>
<p>Zo zag Van Weringh, die een bekennend PvdA-lid is, zijn kans dan ook schoon. Hij greep het 40-jarig bestaan van D66 aan om dit jubileum met de uitgave van 66 spotprenten luister bij te zetten. Beginnend bij bodybuilder-kampioen Loesewies tussen de scherven van Balkenendes derde porseleinenkabinet (2006), terugwerkend naar Cals verbaasde reactie op D66&#8242;s oprichtings-appell naar nóg meer democratie (1966), doorloopt het boek de woelige geschiedenis van deze &#8216;boerenpartij voor keurige mensen&#8217;, zoals Van Weringh de partij classificeert. Gniffelend en grinnikend blader je door het boekje, waar de partij regelmatig door ballonnen gesymboliseerd wordt. Inderdaad lijkt de partij in meerdere opzichten op een ballon. Al naar gelang de politieke barometer of het volume van de fractieleider, steeg of daalde D66. Door gunstige verkiezingen kon het ego zich makkelijk tot een ballon opblazen. Op enkele onderwerpen na, de gekozen burgemeester en het referendum, is het partijprogramma zo weinig te grijpen dat het slechts lucht lijkt te zijn. Ook lijken de voeten van D66 niet altijd in maatschappelijke aarde te hebben gestaan en wordt regelmatig ondanks wankele basis toch naar de top gegrepen.</p>
<p>Kortom, geen gebrek aan beeldende taal en een duidelijk geval van D66-je plagen. In de inleiding van dit boek geeft Van Weringh al toe dat D66 een makkelijk doelwit is, desalniettemin schiet hij er niet met minder vreugde op. Van Weringhs inleiding ademt zoveel leedvermaak, dat het bijna gênant is. Ergens heeft hij een foto uit de Trouw opgevist waar Wolffensperger (D66&#8242;s voormalige partijleider) onder een rond raam staat. Weringh beschrijft het als een op zijn hoofd geplaatste &#8216;appel&#8217;, net Wilhelm Tell. Behalve dat het niet Wilhelm Tell was, maar zijn zoon, die met de appel op het hoofd met zijn leven voor dat van zijn vader in moest staan, is de arrogantie en hoogmoet die Weringh erbij associeert volledig onbegrijpelijk. Niet na te voltrekken is dan ook dat hij in de foto een briljante symbolisering van D66 ziet, laat staan dat men begrijp wat daaraan zo grappig is. Waarom de conservatieve sociaaldemocraat dit soort mislukte toespelingen nodig heeft, is moeilijk te begrijpen. Ze zijn niet eens bijzonder spitsvondig, eerder plat, misplaatst pseudo-intellectueel en staan in schril contrast met veel van de spotprenten.</p>
<p>Humor is altijd leuker als je met jezelf de draak steekt, wat me doet wensen dat een D66-lid zelf zo ad rem was geweest om, bij wijze van frisse zelfbezinning, een collectie spotprenten uit te geven. Kortom, inleiding overslaan en van de spotprenten genieten.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/d66-of-een-boerenpartij-voor-keurige-mensen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Mens en Kosmos – een groots verband: uitweg uit de crisis in rationeel denken</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/mens-en-kosmos-%e2%80%93-een-groots-verband-uitweg-uit-de-crisis-in-rationeel-denken/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/mens-en-kosmos-%e2%80%93-een-groots-verband-uitweg-uit-de-crisis-in-rationeel-denken/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 27 Sep 2011 11:10:09 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=183</guid>
		<description><![CDATA[Waarheen leidt ons het begrip dat wij hebben van de werkelijkheid en de wereld om ons? De wiskundige, filosoof en theoloog J.J.W. Berghuys stelt vast dat wij met [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Waarheen leidt ons het begrip dat wij hebben van de werkelijkheid en de wereld om ons? De wiskundige, filosoof en theoloog J.J.W. Berghuys stelt vast dat wij met onze huidige rationele wetenschappelijk methodiek tenderen naar het tot in kleinste details uiteen nemen en ontleden van de materie, in de hoop hun werking en wezen te achterhalen. Daarmee is hij niet de enige en ook niet de eerste die zich tegen de heersende paradigmas keert. Als wiskundige en natuurkundige komt Berghuys wel van binnenuit die wereld en heeft voor er, ondanks zijn kritiek, alle respect voor. Zijn achtergrond als theoloog verraad dan toch een beetje dat zijn alternatieve paradigma zich op de persoonlijke moraal berust. De titel van het boek is wat dat betreft een volledige misser. Deze impliceert namelijk dat het werk al omvattend is. Het belooft met een groots verband een vernieuwende inzicht in en een niet eerder geboden uitweg uit een rationele crisis. Zowel qua omvang als qua originaliteit biedt het echter geen van beiden.</p>
<p>Berghuys concludeert dat de rationaliteit, die rond de renaissance in 1600 ontstond, mogelijk zijn grenzen bereikt heeft. Nieuwe inzichten langs deze weg verwacht hij niet aangezien de werkelijkheid naar zijn mening vooral te vinden is in relaties tussen materie en zijn omgeving. Kort gezegd zijn bijvoorbeeld de eigenschappen van het metaal ijzer niet in elke afzonderlijke ijzermolecuul terug te vinden. Ook de hooggeprezen mathematica, zo stelt hij, heeft goeddeels de binding met de realiteit verloren. Zo doen wij, uit pragmatisme, alsof een mathematisch rechte lijn of een geometrische figuur, een theoretisch object, gelijk zijn aan materiële objecten. Om vervolgens de materiële werkelijkheid gelijk te stellen aan mathematisch abstractie, waardoor een discrepantie tussen beiden ontstaat die met rationaliteit niet meer te overwinnen is.</p>
<p>Berghuys stelt in ‘Mens en Kosmos’ een denkproces aan de kaak, waarvan vele lagen van de samenleven en onze beschaving doordrongen zijn. Ons rationeel denken, de verlichting en ons begrip van de werkelijkheid een daarmee onze westerse cultuur worden met dit denkproces vereenzelvigd. Zodoende is moeilijk om, met behoud van gezond verstand, uit dit kader te stappen en daarop te reflecteren. En precies dat is wat Berghuys in zijn boek probeert te doen. Met gezond verstand en rationaliteit brengt hij de lezer de irrationele werking van het rationele denken in abstracte concepten onder ogen.</p>
<p>Dit doet hij in kleine stappen en vanuit zijn eigen filosofisch theologische achtergrond. Het boek telt drieënveertig relatief korte hoofdstukken die niet verder onderverdeeld zijn. Hierdoor is het moeilijk op het eerste gezicht een argumentatielijn te ontdekken en geeft het de lezer de onweerstaanbare drang zelf structuur in deze massa aan te brengen. Zo begint hij bij een filosofische beschouwing van de materie om via een natuurwetenschappelijke en cultuurhistorische analyse bij een mogelijke, door hem voorgestelde, uitweg uit te komen. Een uitweg waarbij de samenhang het wezen van de materie uitmaakt, waarin het ‘kosmische verband’ een rol speelt en waarin hij in de laatste hoofdstukken de problematiek naar een metafysisch niveau tilt.</p>
<p>Berghuys is al in begin van zijn pleidooi bescheiden genoeg om erop te wijzen dat hij slechts zijn eigen persoonlijk, rijke en uiteenlopende, waarnemingen en bevindingen presenteert. Daarmee moedigt hij de lezer wel aan tot zelfreflectie. Ook zijn conclusies doen niet aan als aanbevelingen of les. Daarvoor zijn ze te weinig concreet en is ze bijna samen te vatten als “wees lief voor de mensen en de wereld om je heen”. Uit het betoog is duidelijk zijn vakkennis op natuurkundig en wiskundig gebied te merken, terwijl hij het voor leken op dit gebied goed te volgen blijft. Hoewel er veel jaren tussen zijn eerste en deze publicatie liggen, heeft Berghuys zich in dat opzichte niet bijzonder verandert. Dit boek is misschien als door levenswijsheid verkregen aanvulling op zijn proefschrift “Grondslagen van de aanschouwelijke meetkunde” (1952) te zien. Maar vooral als persoonlijke verwerking van zijn eigen levens- en leerweg.</p>
<p>De kritiek die Berghuys op onze huidige samenleving heeft verschilt niet wezenlijk van anderen, zoals bijvoorbeeld het door John Carrolls onlangs gepubliceerde “de teloorgang van de westerse cultuur”. Bij de omgang met deze problematiek bestaat er tussen hen echter een wereld van verschil. Berghuys&#8217; boek straalt meer respect voor de lezer uit en verwerft daarmee meer autoriteit. Berghuys heeft niet te pretentie af te moeten rekenen, hij beschouwd en laat conclusies aan de lezer over.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/mens-en-kosmos-%e2%80%93-een-groots-verband-uitweg-uit-de-crisis-in-rationeel-denken/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Woher eine Ethik nehmen? Streitgespräch ber Vernunft und Glauben</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/woher-eine-ethik-nehmen-streitgesprach-ber-vernunft-und-glauben/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/woher-eine-ethik-nehmen-streitgesprach-ber-vernunft-und-glauben/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 27 Sep 2011 10:58:16 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=180</guid>
		<description><![CDATA[Het twistgesprek, gepubliceerd in &#8220;Woher eine Ethik nehmen?&#8221;, vond al in 1974 als briefwisseling plaats tussen Mächler en Marti en verscheen voor het eerst in de Basler National [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Het twistgesprek, gepubliceerd in &#8220;Woher eine Ethik nehmen?&#8221;, vond al in 1974 als briefwisseling plaats tussen Mächler en Marti en verscheen voor het eerst in de Basler National Zeitung. Deze uitgave is een bundeling van de in totaal twintig brieven omvattende correspondentie, voorzien van een voorwoord van Werner Morlang.</p>
<p>Rober Mächler heeft zich in een bewogen leven diepgaand met geloofsvragen beziggehouden en waarin hij zich achtereenvolgens als nihilist, protestant, katholiek en tenslotte agnost beschreef. De stelling die Mächler daarin centraal stelde, is dat de mens zelf, met zijn verstand, tot een ethiek kan komen en dus geen god nodig heeft om het verschil tussen goed en kwaad te leren.</p>
<p>Kurt Marti is qua persoonlijkheid zomogelijk Mächlers tegendeel. Hij is dominee, maar heeft zich in zijn theologie grotendeels van de kerkelijke dogma´s losgemaakt en gold als uitgesproken non-conformist. Beiden waren literaire persoonlijkheden in Zwitserland.</p>
<p>Mächler had Kurt Marti, een protestants dominee die regelmatig in de publiciteit stond, tot een twistgesprek over verstand, geloof en ethiek, uitgenodigd. In het twistgesprek valt Mächler het christelijk geloof in hoofdzaak aan op tegenstrijdigheden in het godsbeeld dat in de bijbel wordt gegeven. Daarbij spelen voor hem de onverenigbaarheid van de almachtige god en de goede god een centrale rol. Marti stelt daar een zeer persoonlijke god, maar ook een zeer persoonlijke invullen van een geloofsbeleving tegenover waarin god en liefde praktisch synoniemen zijn.</p>
<p>De grote afstand die tussen beide standpunten bestaat, wordt ook niet door de intensieve briefwisseling kleiner. In de eerste plaats omdat beiden op een heel andere manier met het christelijke geloof omgaan. Voor Marti speelt het historische christendom in zijn geloofsbeleving een ondergeschikte, bijna minimale rol. Voor hem is het geloof in eerste plaats een energiebron om kracht uit te putten. Mächler daarentegen ziet religie als de toegang tot irrationaliteit, tot willekeur en daarmee tot hypocrisie. Religie is een bron van kwaad omdat het doelbewust het verstand tracht uit te schakelen. Niet alleen volstaat het verstand om verstandig te handelen, het verstand zorgt er ook voor dat wij in het voordeel van het algemeen, en daarmee het goede, handelen, zo Mächler.</p>
<p>Diepgaander dan een holistische universele liefde tegenover rationeel zelfbehoud zettend wordt ethiek niet behandeld. Maar dat mag ook niet van deze vorm van briefwisseling verwacht worden. Interessant aan dit twistgesprek is, dat een aantal centrale geloofsthema&#8217;s in een boeiende en vlot leesbare manier tegenover elkaar gesteld worden.</p>
<p>Omdat het verstand je dwingt te accepteren dat de wereld daadwerkelijk zo koud en genadeloos is, ontstaat een behoefte naar meer warmte, ook als we daarin irrationeel moeten geloven. Misschien is dat ook precies wat geloof is; zij geeft een gevoel van liefde en geborgenheid in een onbarmhartige wereld. De vraag, waar ethisch handelen eerder te verwachten is, blijft in het midden en beantwoording wordt aan de lezer overgelaten. Beiden doen in het nawoord nog wel handreikingen, die wat onnatuurlijk en houterig geformuleerd zijn, aan elkaar. De wat formele manier waarop dat gebeurd, versterkt het karakter van een twistgesprek; een hard maar fair gespeeld duel tussen heren.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/woher-eine-ethik-nehmen-streitgesprach-ber-vernunft-und-glauben/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Supermacht Europa</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/supermacht-europa/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/supermacht-europa/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Sep 2011 17:28:51 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=175</guid>
		<description><![CDATA[Tegenwoordig lijkt de toekomst van de Europese Unie synoniem te staan met heikele zaken als het ´Nee´ van Frankrijk en Nederland tegen de grondwet en de controverse omtrent [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Tegenwoordig lijkt de toekomst van de Europese Unie synoniem te staan met heikele zaken als het ´Nee´ van Frankrijk en Nederland tegen de grondwet en de controverse omtrent de toetreding van Turkije. In dit perspectief lijkt het een gewaagd stuk om met een boek, getiteld ´Supermacht Europa´, op de markt te komen. Al mag dat in de huidige situatie ver weg lijken, de auteur meent de titel serieus. Dat hij het project Europese Unie dus gunstig gezind is, staat niet ter discussie. Grotendeels geschreven nog voor de referenda over de Grondwet, maar vlak daarna uit gekomen, probeert De Wijk ook op deze recente ontwikkeling in te gaan.</p>
<p>Als deskundige op het gebied van strategische studies, conflict- en veiligheidsprogramma´s houdt De Wijk zich in dit boek niet bezig met de vraag hoe Europa, intern, nu verder moet. Ondoorzichtige bureaucratie, het gebrek aan democratie en legitimatie en nationale belangen en interessen spelen geen rol. In zijn perspectief gaat het om macht, machtsevenwichten en invloedssferen op globaal niveau. De verdere integratie van Europa is voor hem een kwestie van wereldpolitiek en ze is pure noodzaak tot overleven, tot behoud van de waarden die wij in Europa zo koesteren en niet in de laatste plaats tot behoud van de welvaart die wij hier verworven hebben.</p>
<p>De strekking van zijn betoog is helder en kort samen te vatten: in de afgelopen eeuw zijn de Amerikaanse en Europese waarden en opvattingen van democratie en machtspolitiek uit elkaar gegroeid. Daarbij komt dat, na het uiteenvallen van het Waschaw-Pakt, het Atlantische bondgenootschap zijn strategische betekenis verloren heeft. De economische belangen van Europa en de Verenigde Staten staan steeds vaker tegenover elkaar. Dit, en het feit dat in de wereldpolitiek andere medespelers, zoals China en India, en een nieuwe vorm van bedreiging, namelijk het internationale terrorisme, zich aandienen, leidt voor De Wijk tot de conclusie dat het voor de Europese Unie noodzakelijk is om zich klaar te maken om haar positie veilig te stellen.</p>
<p>Europa heeft in de Europese Unie een unieke bestuursvorm gevonden, die ook in de rest van de wereld met belangstelling en welwillendheid bekeken wordt. Daar waar de Verenigde Staten een superstaat zijn, een imperiale macht, typeert De Wijk de Europese Unie als supermacht, waar samenwerking voor beheersing gaat. Voor het behoud en de uitbreiding van deze specifieke kwaliteiten is de Europese Unie echter niet voldoende uitgerust. Om haar rol in de internationale politiek effectief te kunnen spelen, moet de Europese Unie eensgezind en gezamenlijk optreden. De individuele landen in Europa en het huidige buitenlandse beleid van de EU met zijn vele gezichten is niet sterk genoeg om een effectief tegenwicht te bieden aan de VS en andere opkomende supermachten die binnenkort aan Europa voorbij zullen streven. De Wijk pleit voor een sterk en gecentraliseerd optreden van de Unie op het buitenlandse veiligheids- en strategisch beleid.. Wil de Unie niet geheel buiten spel komen te staan, dan kan daarmee niet te lang meer worden gewacht. Maar een gemeenschappelijk beleid en een eensgezind Europees standpunt in de wereldpolitiek is volgens De Wijk niet voldoende. Om serieus genomen te worden, dient Europa ook over militaire slagkracht te beschikken. Vanwege het fundamenteel andere karakter van de EU zal zij hier echter anders mee omgaan als de Amerikaanse superstaat.</p>
<p>Rob de Wijk spreekt over de Europese Unie in geopolitieke terminologie, hij spreekt over machtsblokken, het internationale terrorisme en toegang tot energiebronnen. Ontwikkelingen, demografisch en economisch, die zich in de komende 20 tot 50 jaar zullen voordoen zijn de referentiepunten. Hij praat niet over Europa als ideologie of ideaal maar over de Europese integratie als noodzaak om dat wat hier als waardevol en rechtvaardig ervaren wordt, te behouden. Door zo in tijd en ruimte de Europese Unie van een afstand te bekijken ontstaan grove, maar heldere lijnen over wat ons op de lange termijn te wachten staat. Dat is prettig, omdat de discussie over Europa zich vaak verstikt in details, onderlinge rivaliteiten en angst voor soevereiniteitsafdracht aan Brussel. Aan de andere kant resulteert dat deels in sterke stereotyperingen. Dat De Wijk een hoofdstuk aan ´Het Bushisme´ wijdt, is naar mijn mening te veel eer voor de politiek van de regering Bush. Europese en Amerikaanse internationale politiek worden deels als ultieme macht-antipoden neergezet. Europa dan vaak als de enigszins besluiteloze maar de wijzere macht.</p>
<p>Of De Wijk een ´europtimist´ of pessimist is, laat zich moeilijk uit ´Supermacht Europa´ opmaken. Waarom de Europese Unie naar zijn mening noodzakelijk en belangrijk is, lezen we wel, en daarmee is het een belangwekkende bijdrage in een discussie over de toekomst van de Europese Unie die hoogst dringend weer opgepakt en onder breed publiek gevoerd moet worden</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/supermacht-europa/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ik moest ook doden. Het waargebeurde verhaal van een jonge, joodse vrouw die infiltreerde in Hezbollah</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/ik-moest-ook-doden-het-waargebeurde-verhaal-van-een-jonge-joodse-vrouw-die-infiltreerde-in-hezbollah/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/ik-moest-ook-doden-het-waargebeurde-verhaal-van-een-jonge-joodse-vrouw-die-infiltreerde-in-hezbollah/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Sep 2011 11:53:41 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=170</guid>
		<description><![CDATA[Voorweg moet gezegd worden dat &#8220;Ik moest ook doden&#8221; geen waar gebeurd verhaal is. Nima Zamar mag zich dan nog zo geheimzinnig geven, een infiltrant in Hezbollah is [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Voorweg moet gezegd worden dat &#8220;Ik moest ook doden&#8221; geen waar gebeurd verhaal is. Nima Zamar mag zich dan nog zo geheimzinnig geven, een infiltrant in Hezbollah is ze allerminst. Dat is tenminste de voorlopige conclusie die men als kritisch lezer moet trekken. Immers heeft de uitgever van de Duitse vertaling van het oorspronkelijk Franse boek de publicatie uitgesteld omdat het onvoldoende bewijzen over de authenticiteit van het boek van de auteur en de Franse uitgever kreeg. Bovendien twijfelen vele expert aan feiten en omstandigheden die Zamar in dit boek beschrijft. Ook het gezonde verstand van de lezer moet het James-Bond gehalte opvallen, maar daarover verderop meer. “Waargebeurd” is hier dus niet meer dan een goedkope, maar bijzonder misleidende en daarom verfoeilijke verkooptruc. Het boek heeft zowel linkse als rechtse, pro-Arabische als ook pro-Israëlische gemoederen verhit. Alle kampen beschuldiging Zamar van een politieke campagne omdat volgens de één Israëls politiek gerechtvaardigd wordt, volgens de ander juist in een slecht daglicht gesteld wordt. Een teken dat ook aan die beschuldigingen niet teveel waarde gehecht moet worden.</p>
<p>Dit gezegd hebbende, kan het &#8220;waargebeurde verhaal van een jonge, joodse vrouw die infiltreert in Hezbollah&#8221; verder op zijn narratieve kwaliteiten beoordeeld worden. Want hoezeer &#8220;Ik moest ook doden&#8221; de &#8216;waarheid&#8217; ook geweld aan doet, het is zeker een boek dat goed is voor twee of drie avonden of bijna 300 pagina’s spannende onderhouding en leesplezier.</p>
<p>Nima Zamar vertelt hoe zij, na de dood van haar moeder, uit Frankrijk naar Israël vertrekt. Zij heeft het gevoel alleen als ware Israëli geaccepteerd te worden wanneer ze in militaire dienst gaat. Tijdens haar training wordt zij met een list gedwongen een contract te tekenen en een opleiding als geheim agente bij de Mossad te volgen. De volgende acht jaren brengt zij undercover in Hezbollah door.</p>
<p>Het verhaal is opgedeeld in hoofdstukken die een tijds- en plaatsaanduiding noemen. Tussendoor zijn telkens korte &#8216;nieuwsflashes&#8217; ingevoegd, waarvan de meeste een bomaanslag in Israël aanduiden (&#8220;24 februari 1996: Een zelfmoordaanslag op bus 18 bij het centraal station van Jeruzalem, Zesentwintig dode. Opgeëist door Hamas&#8221;) en anderen mijlpalen in het onderhandelingsproces tussen Israël en de Palestijnen aangeven. Deze ingevoegde feiten verlenen het geheel de stijl van een documentaire. De &#8216;nieuwsflashes&#8217; en het verhaal hebben geen enkele betrekking tot elkaar, maar ze geven de lezer het gevoel een feitelijk relaas te lezen.</p>
<p>Omdat een geheimagent die uit de school klapt, haar ex-collega’s niet in gevaar wil brengen en ook zekere staatsgeheimen respecteert en voor zich houdt, zijn de missies die Zamar vertelt bijzonder in nevelen gehuld. Dat is dan ook de rede waarom de lezer weinig tot niets ervaart over de inhoud van haar training tot geheimagente of over de informatie die ze tijdens haar missies verzamelt. Ook weten we nooit precies wanneer zij waar is en in welke organisatie(waarvoor aan het einde in een ‘FAQ’ een rechtvaardiging gegeven wordt). Maar die vaagheid laat ook veel ruimte voor de verbeelding van de lezer die daarmee voldoende geprikkeld wordt.</p>
<p>Al beschrijft ze haar trainingsprogramma bij de Mossad niet in detail, laat ze de lezer intensief meeleven met zware weg van zelfontkenning die geheimenagenten in haar verhaal dienen af te leggen. In tegenstelling tot wat vele Bond-kenners zouden verwachten is de grootste vaardigheid van een infiltrant passiviteit. Het bewaren van een absoluut passieve houding om de ergste martelingen gelaten te kunnen ondergaan, vormt, naar Zamars zeggen, de centrale training.</p>
<p>Het zijn dan ook niet haar gewetensproblemen, het doden van onschuldige mense, of politieke overwegingen, die haar ertoe brengen om een eind te maken aan haar dienst als geheimagente. Als ‘black sheep’, hier in de betekenis van buitenbeentje, is zij juist door de Mossad aangeworven vanwege haar onconventionele en antiautoritaire houding. De ultieme passiviteit en onderworpenheid van het lichaam aan de geest, of beter de ‘afkoppeling’ geest en lichaam en totale ontkenning van een natuurlijke overlevingsdrang, bezorgen haar dan ook na verloop van de tijd meer en meer problemen. Ze stelt vast dat de Mossad van haar lichaam en geest een mens heeft gemaakt waarin zij niet meer thuis is. Ze spreekt over haar lichaam en leven als waren het vervangbare gebruiksvoorwerpen met een korte levensduur. Zij wil weer greep op zichzelf hebben, haar oude levenslust terug vinden. Tegen de wil van haar trainers oefent zij zich in een verdedigingstechniek die het haar in staat stelt om een aantal keren na gruwelijke martelingen in spectaculaire ontsnappingen, waar James Bond jaloers op zou zijn, zichzelf te redden. Iets wat door haar meerderen sterk afgekeurd wordt. Immers wie vol houdt en niet doorslaat, wordt vanzelf vrij gelaten. Daarbij verliest de agente haar dekmantel niet, waardoor ze inzetbaar blijft.</p>
<p>Na een routine missie in Libanon (&#8220;Ze verliep moeizaam. In kruisvuur raakte ik lichtgewond aan hoofd en schouder.&#8221;) besluit ze niet naar Israël terug te gaan. Haar contract is weliswaar afgelopen, wat echter niet het einde van haar &#8216;plichten jegens de staat&#8217; betekent. Op de luchthaven van Istanbul dood zij dan ook koelbloedig de collega die haar moest uitschakelen met de gifspuit die voor haar bedoelt was. Dat schijnt de Mossad voldoende af te schrikken aangezien haar leven daarna eentje van alledag en onbeduidendheid is. Na de aanslag op de Twin Towers kan zij zich zelfs zonder problemen met oud-collega&#8217;s in Londen treffen, om in de laatste pagina’s van het boek een eigen complottheorie van de machten achter de schermen van deze aanslag te presenteren.</p>
<p>Wie voor het lezen van het boek nog graag aan een zeker ‘waarheidsgehalte’ vast had willen houden, moet na lezing toch vaststellen vooral een spannende en onderhoudende spionageroman gelezen te hebben. Zamar doet daarbij zeker een poging om haar hoofdpersoon als een reëel mens met complexe persoonlijkheid neer te zetten. De aangrijpende beschrijvingen van de trainings- en afhardingsweg die de geheimagente Zamar af moet leggen, bieden daarvoor een goede basis. Maar wij ervaren weinig over die harde training van de Mossad. Daardoor laat de schijnbaar vederlichte wijze, waarop zij daarna over grote psychische barrières heen springt en uit martelkamers ontsnapt, de hoofdpersoon echter weer tot een, dit keer weliswaar vrouwelijk maar evenzeer oppervlakkig Holywoodachtige actionfiguur afzakken.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/ik-moest-ook-doden-het-waargebeurde-verhaal-van-een-jonge-joodse-vrouw-die-infiltreerde-in-hezbollah/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Verdeel en Heers, De deling van Afrika, 1880-1914 (6e druk)</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/verdeel-en-heers-de-deling-van-afrika-1880-1914-6e-druk/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/verdeel-en-heers-de-deling-van-afrika-1880-1914-6e-druk/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Sep 2011 11:39:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=164</guid>
		<description><![CDATA[In 1880 speelde Afrika voor de Europeanen nauwelijks een rol. Nog geen 35 jaar later was het continent, in oppervlakte drie keer groter dan Europa, onder een zevental [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>In 1880 speelde Afrika voor de Europeanen nauwelijks een rol. Nog geen 35 jaar later was het continent, in oppervlakte drie keer groter dan Europa, onder een zevental Europese mogendheden verdeeld. Geen volle eeuw later en bijna even plotseling, in de ´60 jaren van de vorige eeuw, trokken zij zich weer terug. Welke gevolgen dit voor de Afrikaanse samenlevingen gehad heeft en tot op zekere hoogte nog heeft, kunnen wij dagelijks zien. Een tragische en dramatische periode waar Afrikanen en Afrikaanse historici veel werk aan zullen hebben om ze een plek in hun geschiedenis te geven, volgens Wesseling.</p>
<p>Maar wat, zo vraagt Wesseling zich af, doet de veroorzaker met die periode in haar geschiedenis? Welke gevolgen hebben deze 30 jarige expeditie, deze wedloop en het verdeelspel in Afrika voor de Europese politiek gehad? Hij stelt vast dat er in Europa nog te weinig reflectie op haar eigen handelen heeft plaats gevonden. En zo probeert Wesseling met zijn boek ´Verdeel en heers De Deling van Afrika, 1880-1914´ dit hiaat te vullen. ´Verdeel en heers´ is dan ook in de eerste plaats een boek over de koloniale en buitenlandse, of beter Europese, politiek van Europese landen. Mij kon bij het lezen van het boek de indruk niet ontgaan, dat Europa in deze periode slechts vrede kende omdat zij haar expansiedrift elders kon botvieren. Zodra de Afrikaanse koek op was, of het schaakspel op het bijzettafeltje genaamd Afrika, op een remise uitgelopen was, begonnen de spanningen dan ook binnen Europa zich richting WOI op te bouwen. Maar dat valt niet binnen het in dit boek behandelde thema.</p>
<p>Wesseling is een historicus van formaat omdat hij niet alleen in staat is om de politieke intriges, verbindingen, allianties en diverse nationale strategieën heel begrijpelijk en duidelijk te beschrijven. Hij kan dit combineren met levendige, detailrijke beschrijvingen, waardoor historisch personen tot leven komen en het de lezer mogelijk gemaakt wordt om in de 19de eeuwse tijdgeest te duiken.</p>
<p>Wesseling gaat op een zeer gereserveerde manier met wijsheid achteraf om. Destijds geldende normen en meningen worden vaak zonder commentaar gelaten. Zo wordt een beschrijving van een Matabele-koning (huidig Zimbabwe) door Rhodes´ afgezand Rudd (´a very fine man, only very fat, (&#8230;) with beautifull skin and well proportioned´) alleen aangevuld door een opmerking over zijn eetgewoonte, ´very much like a wild beast´. Kruger, leider van de Boeren en een bijzonder onbehouwen persoon, wordt daarentegen wel veelzijdiger beschreven. De in Europa in opkomst zijnde humanistische denkbeelden worden lang niet altijd direct met de koloniale werkelijkheid geconfronteerd. De reflectie op Europa en haar rol destijds in Afrika word daarmee voor een groot deel aan de lezer zelf overgelaten.</p>
<p>Wesselings vertelstijl is er echter ook een van zeer subtiele wenken. Wanneer een ´explorateur´ in dienst van koning Leopold II gevraagd wordt waarom hij Afrikaanse stamhoofden vertelde in naam van de Franse regering te handelen, verdedigd hij dit ´leugentje om bestwil´ omdat ´hij nu eenmaal niet op een voor Afrikanen begrijpelijke manier kon uitleggen wat het Franse comité van de Association Internationale Africaine (een creatie van Leopold II) was.´ Wesseling daarop: ´Daarin had hij zeker gelijk.´ Hierbij niet doelend op een verondersteld intellectueel onvermogen bij bedoelde Afrikaanse stamhoofden, maar op het gekonkel dat in Europa, door Leopold II en anderen, plaats vond.</p>
<p>Het is niet alleen een goed leesbaar geschiedenisboek voor leken; door zijn heldere opzet en verdeling in periodes en regio´s, met een 26 pagina´s tellende bibliografie en historisch overzicht, is het een schier onuitputtelijke bron van informatie. Daarmee is het ook een echt naslagwerk voor iedereen die geïnteresseerd is in de relatie tussen Afrika en Europa.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/verdeel-en-heers-de-deling-van-afrika-1880-1914-6e-druk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het intieme Burgerleven. Huishouden, huwelijk en gezin in de lange 19de eeuw.</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/het-intieme-burgerleven-huishouden-huwelijk-en-gezin-in-de-lange-19de-eeuw/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/het-intieme-burgerleven-huishouden-huwelijk-en-gezin-in-de-lange-19de-eeuw/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Sep 2011 11:33:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=161</guid>
		<description><![CDATA[Gekenmerkt door een haast onbegrensd optimisme in de technische vooruitgang zoals de verbrandingsmotor, elektriciteit en stoomtreinen enerzijds en tragedies beschreven door literaten als Gorter, Kloos, François Haverschmidt of [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Gekenmerkt door een haast onbegrensd optimisme in de technische vooruitgang zoals de verbrandingsmotor, elektriciteit en stoomtreinen enerzijds en tragedies beschreven door literaten als Gorter, Kloos, François Haverschmidt of Multatuli anderzijds, is de ‘lange negentiende eeuw’ voor velen een romantische tijd. Door de snelle ontwikkelingen op andere gebieden en de woelige tijden schijnt er echter maar weinig wetenschappelijke aandacht voor de ontwikkelingen in het familieleven te zijn geweest. In deze tijd begon in de burgerlijke bevolkingslaag, waar Stokvis zich hoofdzakelijk op richt, een ontwikkeling van het intieme leven in de familienucleus.</p>
<p>Stokvis stelt vast dat we eigenlijk niet veel weten over het dagelijkse, private familieleven in de Lage Landen. Zo maakt hij gebruik van wat hem op dit gebied wel ter beschikking staat, namelijk de autobiografieën, dagboeken en briefcorrespondentie van 19e-eeuwers. Daarvan weet Stokvis een grote hoeveelheid te verzamelen. Ondanks dat blijkt het daarmee toch moeilijk het private burgerleven in al zijn facetten volledig af te dekken om zodoende een algemeen geldend beeld te kunnen geven. Als cultuurwetenschapper en niet-historicus hoeft dit Stokvis niet te storen, hem gaat het immers niet zozeer om verbanden en ontwikkelingen. Het gaat Stokvis primair om een kennismaken met een soms bevreemdende, en toch niet ver van ons verwijderde tijd. De titel van het boek in ogenschouw nemend, is het daarom aardig te weten dat hij ook beschrijvingen en ervaringen van zijn eigen overgrootvader voor het boek gebruikt.</p>
<p>&#8220;Het intieme Burgerleven&#8221; doet een goede poging een alomvattend beeld te geven van dit intieme burgerleven in de 19e eeuw. Uit dit boek wordt één ding dan ook zeker duidelijk; ‘het’ intieme leven was zeer veelvoudig in zijn verschijningsvorm. Er was veel variatie, niet alleen in de loop van de lange 19e eeuw, maar ook tussen bevolkingslagen, beroepsachtergronden en sociale herkomst. In feite vertelt elke biografie een uniek verhaal. Kunstig zijn deze verhalen door Stokvis samengevoegd en in relatief overzichtelijke ‘levensfasen’, waaraan men zich in die tijd oriënteerde, opgedeeld. Een viertal thema’s werkt hij dan nader uit. Dat wil zeggen, behalve de drie in de ondertitel genoemde onderwerpen – huishouden, huwelijk en gezin &#8211;  heeft ook de omgang met lichaam en seksualiteit een eigen hoofdstuk gekregen. Daarin schuwt Stokvis er niet voor terug te beschrijven hoe jongens en meisjes hun seksualiteit ontdekten en volwassenen met seksualiteit, of de beperking daarvan als geboorteregeling, in het huwelijk omgingen. Ook al is het typisch voor die tijd, dat men zich juist over dat onderwerp weinig uit liet. Zo wordt ook duidelijk dat men in een groot deel van de 19e eeuw nog een behoorlijk Victoriaanse omgang met dat thema had. Tegelijk zien we ook hoe dat zich in de loop van die eeuw langzaam veranderd.</p>
<p>Stokvis maakt zijn tekst zeer levendig en direct beleefbaar door veelvuldig de autobiografen direct aan het woord te laten. De thematische opzet van hoofdstukken en de punctuele, chronologisch niet geordende informatie uit autobiografieën zorgen er wel voor dat de maatschappelijke ontwikkelingen van het familieleven niet duidelijk te vervolgen zijn.</p>
<p>Het intieme burgerleven is een boek dat ons de mogelijkheid geeft door een sleutelgat naar een tijd en naar een samenleving te kijken die niet eens zo heel erg ver achter ons ligt, maar die ons toch soms merkwaardig vreemd en ver weg lijkt. Deze kijk op het private burgerleven laat beseffen dat het burgerleven in de 19e eeuw diverser was als wij soms geneigd zijn uit romans en &#8216;grote geschiedenis&#8217; te geloven. In sommige opzichten vertoonde het zelfs herkenbare voortekenen van een moderne familie. Het biedt, omdat we ze zelf niet meer kunnen vragen, een mooie kijk in het familieleven zoals onze overgrootouders het geleefd zouden kunnen hebben.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/het-intieme-burgerleven-huishouden-huwelijk-en-gezin-in-de-lange-19de-eeuw/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Kristalpaleis, Een filosofie van de globalisering</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/het-kristalpaleis-een-filosofie-van-de-globalisering/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/het-kristalpaleis-een-filosofie-van-de-globalisering/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Sep 2011 11:22:09 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=157</guid>
		<description><![CDATA[Het Kristalpaleis heet eigenlijk &#8220;Im Weltinnenraum des Kapitals&#8221;. Weltinnenraum verwijst naar een gedicht van Rielke, dat een primair narcistische wereldbeleving uitdrukt. Deze dichter is buiten Duitsland minder bekend, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Het Kristalpaleis heet eigenlijk &#8220;Im Weltinnenraum des Kapitals&#8221;. Weltinnenraum verwijst naar een gedicht van Rielke, dat een primair narcistische wereldbeleving uitdrukt. Deze dichter is buiten Duitsland minder bekend, daarom is die titel niet geschikt voor vertaalde versies. De titel &#8216;Kristalpaleis&#8217; verwijst naar een metafoor van Dostojevski. Daarin vergelijkt hij het Kristalpaleis, dat in 1851 ter gelegenheid van de wereldtentoonstelling in Londen werd gebouwd, met de geglobaliseerde samenleving en plaatste daar destijds al een kritische noot bij.</p>
<p>Wie dan achter dit boek een geharnaste anti-globalistische of links-idealistische auteur verwacht, heeft zich vergist. Evenals diegene die vanwege zijn achternaam een Nederlander verwacht. Sloterdijk is een van die zeldzame filosofen die naast zijn baan als rector in Karlsruhe en een indrukwekkend oeuvre, niet alleen over een eigen televisie-programma (Das philosophische Quartet, ZDF), maar zelfs over een fan-club beschikt. Hij is een denker die in Duitsland grote publieke aandacht geniet. Bovendien schuwt hij de confrontatie met andere denkers niet en neemt eerder een kritisch afstandelijke houding ten aanzien van maatschappelijke tendensen aan. Zijn filosofische bijdrage tot het thema globalisering is misschien daarom wel zo te verwelkomen, omdat het de discussie over mondialisering uit de sfeer van het emotionele voor- of tegen-zijn haalt. Iets wat noodzakelijk is om de globalisering en zijn gevolgen voor mens en samenleving te kunnen overzien en doorgronden.</p>
<p>Maar zoals het misschien bij zulke persoonlijkheden als Sloterdijk past, bestaat er ook een, zeker niet overbodige &#8216;Das Sloterdijk Alphabet dat als een inleiding tot zijn werk beschouwt kan worden. De stijl waarin Sloterdijk zijn gedachten in woorden vat, kan met &#8216;woordgeweld&#8217; omschreven worden. Om zijn verhaal te vertellen, maakt Sloterdijk uitbundig gebruik van metaforen, allegorieën en mythische verwijzingen. Een gedegen algemene kennis is dus allerminst overbodig. Niet alleen is hij omslachtig in zijn woordgebruik en etaleert hij daarmee zijn brede kennis, maar ook is hij omslachtig in de structuur van zijn verhaal. Een &#8216;passieve leeshouding&#8217;, als men het zo omschrijven wil, past hier niet bij. Van de lezer wordt een actieve, meedenkende en alerte instelling gevraagd. Het kost soms inspanning om tijdens het lezen te zien hoe zijn verhaal zich tot een conclusie verdicht. Het Kristalpaleis is niets voor op het nachtkastje, daarentegen onontbeerlijke basisliteratuur voor discussie over globalisering.</p>
<p>Een recensie kan nooit een volledig en gedegen beeld van zijn filosofie van de globalisering presenteren. Toch kort iets over de inhoud. Kristalpaleis is het eerste werk van Sloterdijk dat na de voltooiing van zijn &#8216;opus magnum&#8217;, de trilogie over Spheren, verschijnt. Het Kristalpaleis borduurt indirect voort op de samenlevingskosmos die hij daarin presenteert. Het thema &#8216;Globalisering&#8217; neemt hij bij de hoorns door te beginnen met een analyse van het concept &#8216;Globe&#8217;, ofwel de in zich volkomen en gesloten (belevings-) universum. De globe als universum, dat vanaf de Grieken tot de verlichting voortdurend ineen schrompelde van het &#8216;Al&#8217;, waarvan hemelen en onderwerelden deel uitmaakten tot onze fysieke globe, de &#8216;Aardbol&#8217;, zoals die, in bijna elk scholierenkamer te vinden is.</p>
<p>Globalisering, zoals wij het tegenwoordig begrijpen, begint feitelijk vanaf 1492, sinds de ontdekking van de Nieuwe Wereld. Pas door haar &#8216;circumnavigatie&#8217; kon de aarde voor eerst direct door mensen als globe ervaren worden. Het omronden van de globe is dan echter nog voorbehouden aan de avonturiers, zeevaarder evenals ondernemers en onderzoekers. Concreet ervaarbaar en daarmee reëel, wordt de aarde als globe pas voor de &#8216;gewone&#8217; bevolking met de komst van betrouwbaar, planbaar en regelmatig vervoer dat de gehele globe omspant. Kortom met de komst van stoommachines in schepen en treinen, zoals Sloterdijk met Jules Vernes &#8216;Reis om de wereld in 80 dagen&#8217; demonstreert. Vanaf dan is globalisering in feite niet meer dan een steeds sterkere verdichting van deze globe. De &#8216;ontremming van het handelen&#8217;, waaruit Sloterdijk de expansiedrift van de Europeanen verklaart, wordt een gedwongen halt toegeroepen, omdat expansie, verovering en ontdekking aan de eigen grenzen stoot. Er is geen sprake meer van een &#8216;terra incognito&#8217;. Na de voltooiing van de globalisering zijn afhankelijkheden, confrontaties en samenhangen steeds meer tot een gevlecht geworden, die het gevaar in zich draagt tot &#8216;interlocking&#8217; te voeren. Zo is voor Sloterdijk de globalisering &#8216;an sich&#8217; ook al enige decennia geleden afgesloten, waarbij hij echter moeite heeft een even duidelijke einddatum als begindatum aan te wijzen. Met het einde aan de mogelijkheid tot &#8216;eenzijdig handelen&#8217; heeft &#8216;de wereld&#8217; zich in een posthistorische periode begeven.</p>
<p>Globalisering is echter ook iets wat, naar Sloterdijks schatting, voor slechts voor eenderde van de mensheid tot een realiteit behoort. Daarmee komt hij tot de metafoor met het Kristalpaleis, een van binnenuit door haar bewoners als eindeloos en open ervaren globe, met een voor invloeden van buiten beschermende atmosfeer; de westerse wereld. Een paradijs met een omhulsel dat voor buitenstaanders even onbereikbaar als ondoordringbaar is. De vraag is, of het Kristalpaleis, dat paradijs dat &#8216;de westerse wereld&#8217; heet, alle inwoners van de aarde zal kunnen omvatten. Maar bovendien stelt Sloterdijk een nieuwe ontwikkeling vast, namelijk deze, dat de Verenigde Staten, door zijn &#8216;eenzijdig handelen&#8217; uit de posthistorie, opnieuw in de &#8216;historische wereld&#8217; stapt en daarmee het Kristalpaleis zelf danig in gevaar brengt. Of daarmee een nieuwe globalisering begint, of dat tot een nieuwe globe kan voeren en of die de gehele mensheid zal omvatten, zijn nog open vragen die aanleiding tot verder filosoferen geven.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/het-kristalpaleis-een-filosofie-van-de-globalisering/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Nieuwe vormen van bestuur. Boekenreeks: Lokale en Provinciale Politiek</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/nieuwe-vormen-van-bestuur-boekenreeks-lokale-en-provinciale-politiek/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/nieuwe-vormen-van-bestuur-boekenreeks-lokale-en-provinciale-politiek/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Sep 2011 11:16:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=155</guid>
		<description><![CDATA[In de boekenreeks &#8216;Lokale en Provinciale Politiek&#8217; is een verzameling wetenschappelijke artikelen gepubliceerd onder de titel &#8216;Nieuwe vormen van Bestuur&#8217;. De redactie en de auteurs zijn voor het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>In de boekenreeks &#8216;Lokale en Provinciale Politiek&#8217; is een verzameling wetenschappelijke artikelen gepubliceerd onder de titel &#8216;Nieuwe vormen van Bestuur&#8217;. De redactie en de auteurs zijn voor het overgrote deel verbonden aan de Universiteit of Hogeschool van Gent. Ook de onderzochte en besproken thema&#8217;s in de diversie artikelen, beperken zich tot West-Vlaanderen.</p>
<p>Deze publicatie bestaat uit acht op zichzelf staande artikelen van verschillende auteurs. Ieder artikel heeft een andere vraagstelling. Een recensie per artikel zal deze artikelen en hun inhoud meer tot hun recht kunnen laten komen. Daar dit echter een boekbespreking op deze plaats in omvang zal overstijgen en eerder tot een inhoudelijke reactie op het gepubliceerde zou voeren zullen de samenhang en algehele indruk hier meer belang toegemeten krijgen dan de inhoudelijke argumentaties.</p>
<p>Inhoudelijk lopen de thema&#8217;s van de artikelen zeer uiteen. Enerzijds zijn er artikelen met een sterk politieke benadering van het begrip &#8216;nieuwe vormen&#8217;, waarmee zonder uitzondering het belang van een versterkte, directe of participerende betrokkenheid van burgers bij lokaal bestuur en soms ook bij lokale politiek onderstreept wordt. Anderzijds zijn er artikelen die zich bezig houden met nieuwigheden uit de openbare managementwinkel, zoals (waarschijnlijk dwangmatig) de Engelse bestuurskundige termen waarvoor een &#8216;e&#8217; geplaats kan worden. Te denken is daarbij aan eGovernement, eGovernance en eDemocracy. Wat in feite al meer dan genoeg zegt: daaraan is niets nieuws behalve de &#8216;e&#8217;. Een derde groep artikelen benadert &#8216;nieuwe vormen van bestuur&#8217; als evaluatie van bestuurskundige veranderingen op lokaal en provinciaal niveau.</p>
<p>Ondanks deze grote variëteit van de thema&#8217;s kan de lezer een zekere overlap bij het lezen niet ontgaan. Elke auteur die over sterkere participatie van burgers in het lokale bestuur spreekt, of beter gezegd over de participatie bij de uitvoering van lokale bestuursbesluiten, schijnt het noodzakelijk te vinden een theoretisch historische beschouwing over democratie van de wieg (tot het graf) neer te zetten. Een inhoudelijke inleiding over de verschillende vormen van democratie die bij lokale politiek een rol spelen had kunnen volstaan. Daarbij was een gedegen inleiding in het thema &#8216;nieuwe vormen van bestuur&#8217; evenmin overbodig geweest het geheel in een duidelijk concept te brengen.</p>
<p>Het is waar dat op sub-nationaal niveau vele verschillende uitdrukkingen ter aanduiding van &#8216;lokale politiek&#8217; gebruikt worden. In het bijzonder in de Belgische bestuurlijke structuur zou men verwachten dat het gebruik daarvan nauw luistert. Ook al spreken verschillende artikelen in deze publicatie deze problematiek aan, het boek slaagt er helaas niet in om voor zichzelf een eenstemmige en heldere bewoording te vinden. Dit begint al met de titel van de boekenreeks: op de kaft betreft het &#8216;lokale en provinciale politiek&#8217;, op het schutblad is dit &#8216;lokale en regionale politiek&#8217;. In de verschillende artikelen worden zoveel termen voor bestuurlijke niveaus gebruikt (o.a. gebiedsgericht, streekniveau en &#8216;lokaal&#8217; beheer) dat de lezer het zelfs als opluchting ervaart wanneer de Vlaamse overheid tot centralistische (sic!) bestuurslaag benoemd wordt. Toch sta je dan verstelt hoe klein iemands wereld kan zijn.</p>
<p>Daarbij is helaas de inhoudelijke boodschap met betrekking tot &#8216;nieuwe vormen van bestuur&#8217; net zo weinig nieuw als de bestuursvormen zelf. Het eerste artikel presenteert participatieve democratie als theoretisch concept. Vastgesteld wordt dat openbaar bestuur zich in toenemende mate langs andere wegen als de gebruikelijke, van de wil en wens van burgers moet verzekeren. Hiervoor kent het openbaar bestuur uiteenlopende instrumenten. De artikelen in deze publicatie zijn verslagen van vrij algemene, veelal empirische onderzoekingen en evaluaties van de genomen maatregelen. Enkele daarvan hebben eerder betrekking op democratisch idealistisch (participatieve Democratie), sommigen utopisch (eDemocracy) en een aantal zeer pragmatisch (Public Privat Partnership, PPP) vernieuwingen. Dat de pragmatische vormen vaak slecht aan de toch in idealistische zin gestelde doelstellingen kunnen voldoen, hoeft niemand te verbazen. Evenmin kan verbazen, dat de utopische &#8216;eVernieuwingen&#8217; soms mateloos overschat worden. Zo is een artikel gewijd aan een vergelijking van de politieke betrokkenheid van bewoners van Gent met de steden Brugge en Antwerpen. Onderwerp zijn verschillende vormen van interactieve besluitvormingen en de verschillen in identificatie van de burger met de diverse bestuurlijke eenheden, van provincie tot buurt. Een ander artikel, waarin een soort &#8216;survey&#8217; voorgesteld wordt, heeft ook zijn plaats in dit boek gevonden. Hierin wordt onderzocht hoe gemeenten het internet gebruiken om de lokale democratie en betrokkenheid van burgers bij besluitvorming in (middelgrote) gemeenten te versterken. Het artikel stelt voornamelijk dat de mogelijkheden die internet biedt door vele gemeenten bij lange na niet uitputtend worden benut. Daarnaast geeft het een vluchtig overzicht van de verschillende manieren waarop, exemplarisch, twee gemeenten met &#8216;eGovernance&#8217; omgaan en het internet voor zich ontdekten. De laatste drie artikelen hebben als thema &#8216;gebiedsgericht werken&#8217;, &#8216;samenwerkingsvormen op streekniveau&#8217; en &#8216;binnengemeentelijke decentralisatie in Antwerpen&#8217;. Daarmee &#8216;evalueren&#8217; ze alle drie vormen van gemeentelijke herstructurering . Zo worden in het laatste artikel lokale bestuurshervormingen binnen het kader van &#8216;New Public Management&#8217; (NPM) geplaatst. Het voorkomen ervan wordt binnen de Belgische context &#8216;afgetoetst&#8217;. Vervolgens stellen de auteurs NPM tegenover &#8216;Old Public Administration&#8217; (OPA; een zekere humor kan men de auteurs niet ontzeggen). Deze punten zijn op zich voldoende voor een inhoudelijk artikel, waardoor het bevreemdend klinkt wanneer men leest dat &#8216;tot slot (&#8230;) ook nog even het draagvlak onder politieke leiders&#8217; (lees: burgemeesters) bekeken wordt.</p>
<p>Over het algemeen uitten de artikelen zich gematigd positief over &#8216;nieuwe vormen&#8217; van lokaal bestuur. Ze spreken de wezenlijke problemen weliswaar aan, maar zonder daadwerkelijk op die problemen inhoudelijk in te gaan of er iets nieuws aan toe te voegen. Voor een echte gedegen en grondige evaluatie volstaat &#8216;Nieuwe vormen van bestuur&#8217; niet. Evenmin voor een reflecterende beschouwing over praktijk, theorie en politieke doelen van nieuwe bestuursvormen, want ook daarvoor zijn de teksten inhoudelijk te licht.</p>
<p>Men moet weten dat deze publicatie geen ontspanningslectuur maar sociaalwetenschappelijke of bestuurskundige vakliteratuur is. Desalniettemin mag men ook van wetenschappers, wiens vak het niet alleen is sociaal onderzoek te doen, maar dat ook te publiceren, verwachten dat een zekere schrijfvaardigheid aan de dag gelegd wordt. Wanneer men echter van de lezer verwacht geen problemen te hebben met het begrip &#8216;percipiëren&#8217; en vervolgens in dezelfde alinea meent interdependentie toe te moeten lichten met de toevoeging &#8216;dus afhankelijk van elkaar&#8217;, frons ik als lezer bevreemd mijn wenkbrauwen. Helaas is dit niet het enige dat getuigt van weinig stijlbewust schrijven. Lokaal gekleurde spreektaal staat in dit boek bijvoorbeeld zonder moeite naast bestuurlijke taalmonsters. Daarnaast valt op, dat enkele simpele grafieken, die bovendien soms weinig toegevoegde waarde hebben, rechtstreeks uit Excel gekopieerd zijn. Dit soms in kleur, soms in onduidelijke grijstinten of met onleesbaar kleine letters. Alle grafieken zijn niet bepaald professioneel opgemaakt. De diverse lay-out van grafieken, schema&#8217;s en diagrammen, verlenen het boek geen indruk van eenheid. Ook voor literatuurverwijzingen zijn blijkbaar zoveel varianten mogelijk als dat er artikelen zijn.</p>
<p>Om af te sluiten: Tenzij uw belangstelling, beroepshalve, specifiek uitgaat naar onderwerpen als lokaal Vlaams bestuur, ICT en overheidsbestuur, burgerparticipatie en andere vormen om burgers, maatschappelijk middenveld en bedrijfsleven in de productie van openbare goederen in te binden, bestuurlijke hervormingen en reorganisaties of politieke houding van stadsbewoners, heeft dit boek in uw boekenkast een louter decoratieve functie. Waarvoor echter het uiterlijk van dit boek nauwelijks geschikt te noemen is.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/nieuwe-vormen-van-bestuur-boekenreeks-lokale-en-provinciale-politiek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Boze geesten van Berlijn</title>
		<link>http://www.vantrier.org/book-review/boze-geesten-van-berlijn/</link>
		<comments>http://www.vantrier.org/book-review/boze-geesten-van-berlijn/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 01 Sep 2011 12:33:32 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Helmer van der Heide</dc:creator>
				<category><![CDATA[Book review]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.vantrier.org/?p=148</guid>
		<description><![CDATA[Als buitenlandcorrespondent heb je een unieke kans om een land, de cultuur en zijn mensen te leren kennen. Voor de Volkskrant verbleef Remarque zes jaar in Berlijn om [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Als buitenlandcorrespondent heb je een unieke kans om een land, de cultuur en zijn mensen te leren kennen. Voor de Volkskrant verbleef Remarque zes jaar in Berlijn om woelige politieke jaren te verslaan. Dat hij daarnaast vele persoonlijke ervaringen opdeed mag niet verwonderen, maar heeft hem wel doen vaststellen dat wij eigenlijk maar weinig weten over onze oosterburen. En daar moet wat aan veranderen, zo meent Remarque. Al die jaren hebben we van hem over politieke actualiteiten kunnen lezen, maar in de tussentijd is een ander werk ontstaan.</p>
<p>Boze geesten van Berlijn is een sterk verdichte impressie van zijn zes jaren in Berlijn. Berlijn heeft meer geschiedenis dan goed voor een stad is. Daarmee begint Remarque zijn verhaal, en zo is de titel misschien ook wel te lezen. De stad is er niet een van boze geesten, maar, voor wie ze zoekt, loert achter elk muurtje en onder elke steen een verhaal. Met sterk verdicht bedoel ik, dat het niet het Berlijn is wat je in een lang weekendbezoek zult tegenkomen. Een stad zou in de in het boek gepresenteerde onverdunde toestand nauwelijks te verwerken zijn. Zes jaar ervaringen en honderd jaar geschiedenis zijn immers een lange tijd, zeker in Berlijn. Het boek vertelt van de stad, van de mensen maar vooral van zijn verleden.</p>
<p>Remarque wil geen reisgids, ook geen geschiedkundige verhandeling schrijven, maar verhalen over Berlijn vertellen. Als reisgids lijkt ze me toch zeer bruikbaar, gezien de vele plaatsaanduidingen en achtergrondbeschrijvingen, ware het niet dat de mooiste plaatsen en beste belevenissen in Berlijn om een belangrijke reden typisch Berlijns zijn; ze zijn spontaan, informeel, hebben een kort bestaan of verplaatsen zich om de twee weken. Remarque realiseert zich, als hij schrijft over &#8216;dat hippe café&#8217; of &#8216;die levendige buurt&#8217;, dat de Berlijnse cultuur van informele contacten aan elkaar hangt: &#8216;de enige constante in Berlijn is de voortdurende verandering”. Daartegenover staan weer plaatsten die met de grootste moeite niet weg te krijgen zijn, neem Hitlers bunker, of niet weg willen, zoals de Palast der Republiek. Berlijn is niet mooi, Berlin is de interessantste stad die ik ken, zo schrijft hij in het voorwoord.</p>
<p>In zijn boek gaat Remarque op verkenningstocht in Berlijn. In zes delen neemt hij de lezer vanuit zijn woning in Charlottenburg mee door de stad. Als gebouwen verhalen vertellen, is de stad een episch boek. Een zo vertelt Remarque dan ook aan de hand van Rijksdag tot Holocaustmonument het verhaal van deze stad. Onderweg ontmoet hij Berlijn&#8217;s geschiedenis en Berlijners. De roemruchte 20-er jaren van Berlijn vermengen zich soms moeiteloos met het alledaagse, zoals kinderen van de crèche op halen. De vele gebouwen en plaatsen, zoals het Kanzleramt of de Karl-Marx-Allee, dienen als kapstok om verhalen over het zelfbeeld van Duitsers aan op te hangen; over ossi, wessi en wossi, de hipste renaissance van ostalgie en de bijna pijnlijke politieke correctheid en – in een enkel geval – ook incorrectheid van Duitsers.</p>
<p>En, als de schoen dan toch al ergens wringt bij het lezen, is dat omdat je merk dat het een Nederlander is, die over zijn &#8216;favoriete&#8217; Buurland schrijft. Dat opgeheven vingertje prikt er zo nu en dan toch pregnant betweterig door. Het is natuurlijk leuk om te lezen waarom de Reichstag officieel &#8216;Plenarbereich Reichstagsgebäude&#8217; heet of waarom toch nog steeds die lompe &#8216;adelaar&#8217; in de parlementszaal hangt. &#8216;Gefundenes Fressen&#8217;, maar wel voor een land met boter op zijn hoofd. Ook al vertelt Remarque veelzijdig en genuanceerd, een gevoel van &#8216;Hollands zelfingenomenheid&#8217; kan de lezer niet ontgaan wanneer de inhoudsopgave van het boek uitpuilt met hoofdstuktitels als &#8216;Politiek correct onkruid&#8217;, &#8216;Te groot uitgevallen Kreissparkasse&#8217; (Kanzleramt in Bonn), &#8216;Gezakt voor de metropolentest&#8217; of (voor Nederlanders met historisch bewustzijn) &#8216;Zijn de Duitsers nog steeds brandgevaarlijk?&#8217;.</p>
<p>Alles in Duitsland, en zeker in Berlijn, dat merkt Remarque terecht op, is terug te voeren op Hitler of het Derde Rijk. Iets wat hij zelf dan ook uitvoerig doet. De geschiedenis ligt op straat, maar anders als hondenpoep moet je er bewust in trappen. Zo is het ook met de boze geesten, je moet ze wel opzoeken. Kort gezegd: een geweldig boek en een geweldige stad, maar verwacht niet bij een weekendbezoek dezelfde belevenis te hebben. Voor een goed deel is deze minder beladen!</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.vantrier.org/book-review/boze-geesten-van-berlijn/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

